Tagarchief: vectortekeningen

Seamless pattern in Inkscape

Op Youtube kwam ik een interessant filmpje tegen om op een eenvoudige manier een seamless pattern in inkscape te maken:

Wat is een seamless pattern?

Een naadloos patroon is een tekening die ontworpen is als een tegel: wanneer je de tegel zou gebruiken om een grotere oppervlakte te vullen, dus tegel naast tegel, dan zie je geen naden tussen de tegels. Bij strikt geometrische patronen is dit een kwestie van exacte maten gebruiken bij de vormen. Bij meer vrije patronen komt de onderstaande techniek goed van pas. Bijvoorbeeld, ik wil graag dit patroon namaken:

Seamless patroon met junglevegetatie, bloemen en spinnen

Dit patroon is naadloos, een “seamless pattern” dus: je ziet geen overgangen tussen de tegels, waar één tegel begint of eindigt, is niet echt te detecteren.

In feite is dit één tegel uit het patroon:

Seamless pattern tegel

Hoe kan je zo’n patroon maken in Inkscape?

Een korte tutorial:

Benodigde tijd: 1 uur.

Een seamless pattern maken in Inkscape is niet zo moeilijk, wanneer je tenminste de bouwblokken al klaar hebt.

  1. Start Inkscape en stel een raster in.

    Ga hiervoor naar menu Bestand > Documenteigenschappen > tabblad Rasters > Nieuw.
    Stel als eenheid pixels in, en een hoofdrasterlijn op elke 5 pixels.

  2. Kies hoe groot de tegel voor het seamless pattern moet zijn.

    Teken hiertoe een vierkant van bv. 1000 x 1000 pixels.
    Geef het vierkant de opvulkleur die je als achtergrondkleur voor je seamless pattern in gedachten had.
    Zorg dat je straks designonderdelen exact kan verplaatsen over de breedte van de tegel. Ga hiertoe naar het menu Bewerken > Voorkeuren > Gedrag > Stappen > Pijltjestoetsen verschuiven met: 1000 px.

  3. Importeer of teken de designonderdelen

    Plaats de verschillende objecten naast je tegel, klaar voor gebruik.

  4. Vul je tegel op met duplicaten van de designonderdelen

    Maak een duplicaat van een object: selecteer het object en duw op Ctrl-D.
    Vervolgens kan je het duplicaat selecteren en verplaatsen naar de tegel.

  5. Designonderdelen op de tegelrand verschuiven naar de tegenoverliggende rand

    Plaats je een object op een rand van de tegel, dan moet je nog een duplicaat ervan maken, en dat duplicaat verschuiven naar de tegenoverliggende rand van de tegel. Dat doe je met de pijltjestoetsen: 1x op pijltje drukken om een duplicaat exact 1000 px te verplaatsen.

  6. Alles buiten de tegel wegknippen

    Selecteer en dupliceer het onderliggende vierkant.
    Selecteer alles: de tegel en de objecten die eruit komen piepen.
    Ga naar menu Objecten > Maskerpad > Instellen.

  7. Exporteren naar een PNG

    Selecteer het vierkant met alles erin.
    Exporteer naar een PNG met een exacte afmeting van 1000 op 1000 pixels.

Ben je nog niet bekend met Inkscape? Lees dan zeker ook dit bericht: Tutorial Inkscape in het Nederlands.

Tutorial Inkscape in het Nederlands

Inkscape is een prachtig programma om vectortekeningen te maken.

Wat zijn vectorafbeeldingen?

Als je op computer tekent of met afbeeldingen bezig bent, dan heb je ruwweg twee soorten afbeeldingen: vectorafbeeldingen, en bitmapafbeeldingen.
Bitmapafbeeldingen zijn het bekendst: jpg’s, bijvoorbeeld. Foto’s dus. Met een resolutie, en pixels, die de scherpte en kwaliteit van de afbeelding mee bepalen. Wanneer je een bitmapafbeelding uitvergroot, begin je de vierkante blokjes van de pixels op te merken: je kan een bitmapafbeelding niet tot het oneindige uitvergroten, toch niet als je nog wat kwaliteit wil overhouden.
Vectorafbeeldingen hebben dit probleem niet: vectorafbeeldingen zijn opgebouwd op een eerder mathematische manier, met “knooppunten” die met lijnen met elkaar verbonden zijn, de vorm van die lijnen hangt af van de eigenschappen van de knooppunten die ermee geassocieerd zijn.
Zeer ingewikkeld, of zo klinkt het toch. Maar neem een eenvoudig voorbeeld: een rechte lijn is een opvulkleur (bv. blauw) van punt 1 (met X/Y-coördinaten op het canvas) naar punt 2 (ook met X/Y-coördinaten), met een bepaalde dikte (bv. 3px), en een bepaalde opaciteit (bv. 100% dekkend),…

Als je zo’n tekening uitvergroot, dan verander je de eigenschappen van de tekening, (bv. de X/Y-coördinaten), maar de scherpte van de afbeelding zal altijd even goed blijven.

Waarvoor worden vectorafbeeldingen gebruikt?

Als je bovenstaande uitleg hebt gelezen, dan snap je waarschijnlijk wel dat vectorafbeeldingen interessant zijn voor allerlei grafisch design: logo’s, prenten, uitnodigingen, kaartjes, affiches,… Ikzelf gebruik het om textielontwerpen te creëren. Een voorbeeld:

Dit is een heel eenvoudige tekening in Inkscape. Als je dit “tegelt”, dus naast en onder elkaar weergeeft, dan krijg je een patroon, dat vervolgens afgedrukt zou kunnen worden op bijvoorbeeld textiel, of je kan het natuurlijk ook als achtergrond van een website gebruiken of zo…

Vind ik in de afgedrukte versie de streepjes te klein, of te groot, of ik wil eens andere kleuren gebruiken, dan kan ik in Inkscape het ontwerp héél makkelijk aanpassen zonder aan kwaliteit in te boeten. Doe ik hetzelfde met een jpg-versie van het patroon, dan zal het gewijzigde resultaat minder strak zijn dan de oorspronkelijke tekening!

Wil je meer weten over Inkscape?

Wel, als leerkracht in CVO Volt geef ik een workshop over Inkscape, in de cursus ICT Workshops. En deze workshop plaats ik hier online, hopelijk hebben jullie er iets aan!

Enkele links:

pdf van de workshop

Meer informatie over Inkscape